Naar hoofdinhoud
1.. Subsidiabele kosten kunnen slechts bestaan uit de volgende kostentypen: personeelskosten voor zover zij zijn berekend overeenkomstig artikel 1.9 van de Verordening; kosten derden: kosten waarvoor een factuur of document met gelijkwaardige bewijskracht kan worden overgelegd; bijdragen in natura voor zover zij voldoen aan het bepaalde in artikel 1.11 van de Verordening; afschrijvingskosten. 2.. Subsidie wordt verstrekt voor de volgende kostensoorten, voor zover de kosten direct samenhangen met de investering: de kosten van de bouw of verbetering van onroerende zaken; de kosten van verwerving of leasing van onroerende zaken; de kosten van aankoop van grond; de kosten van de koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties tot maximaal de marktwaarde van de activa; de kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware; de kosten voor verwerving van octrooien, licenties, auteursrechten en merken; de kosten van koop van tweedehands installaties en machines tot maximaal de marktwaarde van de activa; algemene kosten ten behoeve van investeringen als bedoeld in artikel 1.12a van de Verordening kunnen slechts bestaan uit: kosten van architecten, ingenieurs en adviseurs; kosten van adviezen over duurzaamheid op milieu- en economisch gebied; kosten van haalbaarheidsstudies; de kosten van projectmanagement en projectadministratie; voorbereidingskosten als bedoeld in artikel 1.12 lid 3 en 4 van de Verordening; niet verrekenbare of niet compensabele BTW.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel