**1..** Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
**2..** In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
college: het college van burgemeester en wethouders;
inlichtingenplicht: de verplichting genoemd in artikel 17, eerste lid van de Participatiewet, artikel 13, eerste lid van de IOAW, artikel 13, eerste lid van de IOAZ en artikel 30c, tweede en derde lid van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
boete: de bestuurlijke boete zoals bedoeld in artikel 18a, eerste lid van de Participatiewet, artikel 20a, eerste lid van de IOAW en artikel 20a, eerste lid van de IOAZ;
waarschuwing: de waarschuwing, genoemd in artikel 18a, vierde lid van de Participatiewet, artikel 20a, vierde lid van de IOAW en artikel 20a, vierde lid van de IOAZ;
uitkering: de door het college verleende bijstand in het kader van de Participatiewet en de uitkering in het kader van de IOAW en IOAZ;
benadelingsbedrag: het bedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan uitkering is ontvangen;
beslagvrije voet: beslagvrije voet zoals bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;
recidive: de bestuurlijke boete bij recidive binnen vijf jaar, zoals bedoeld in artikel 18a, vijfde en zesde lid van de Participatiewet, artikel 20a, vijfde en zesde lid van de IOAW en artikel 20a, vijfde en zesde lid van de IOAZ.
Hoofdstuk 8
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Beleidsregels Kwijtscheldingsregeling Gemeentelijke Belastingen 2017