Het doelmatig en veilig gebruik van de weg wordt aangetast wanneer:
het zicht op en het uitzicht vanaf de uitweg slecht is en daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht;
de uitweg en/of het parkeren op eigen terrein strijdig is met het bestemmingsplan;
de uitweg breder wordt dan 5 meter, of een dubbele uitweg breder wordt dan 6 meter, voor zwaar verkeer (> 3 ton) kan een uitzondering gemaakt worden.