Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Maatstaf van heffing en tarief

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2019

1. . De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven die zijn opgenomen in de bij deze verordening behorende tabel, met dien verstande dat een belasting van minder dan € 5,-- niet wordt geheven. 2. . Voor de berekening van de belasting wordt: een gedeelte van de in de tabel genoemde eenheden van hoeveelheid of afmeting voor een geheel gerekend; bij geplaatste voorwerpen, zoals stutten, schoren, palen en dergelijke, elk der voorwerpen geacht een ruimte van één vierkante meter in te nemen; een open ruimte tussen zich op of boven de grond of het water bevindende voorwerpen, voor zover het dezelfde belastingplichtige betreft, geacht door die voorwerpen te zijn ingenomen. 3. . Ingeval de belasting wordt geheven naar de oppervlakte van een voorwerp, geldt als maatstaf de oppervlakte van de projectie van dat voorwerp in een horizontaal vlak. 4. . Bij het toepassen van de tarieven van hoofdstuk 2 van de tarieventabel geldt een maximumbedrag van € 10.000,-- per jaar per bouwproject.

Rechtspraak bij dit artikel