1. De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld.
2. In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde.
3. De belasting bedraagt bij een waarde van:
a. € 60.000 of minder: € 203,50;
b. meer dan € 60.000 doch minder dan € 100.000: € 399,00;
c. meer dan € 100.000 doch minder dan € 150.000: € 678,00;
d. meer dan € 150.000 doch minder dan € 200.000: € 1.017,00;
e. € 200.000 of meer: € 1.220,50.