Het gebruik van de elektrische dienstauto is verplicht voor de medewerker. Als er geen elektrische dienstauto beschikbaar is op het gewenste tijdstip, kan gebruik worden gemaakt van eigen vervoer.
Bij gebruik van eigen vervoer, terwijl een elektrische dienstauto beschikbaar is, kan de directeur / eenheidsmanager / leidinggevende de ingediende dienstreizendeclaratie weigeren.
Elke medewerker maakt gebruik van de elektrische dienstauto boven eigen vervoer. Uitzonderingen hierop vormen onderstaande functies:
Medewerker Openbare Ruimte (controleur leefomgeving)
Medewerker Openbare Ruimte ((uitvoering) civiele werken)
Wijkuitvoerder Openbare Ruimte
Worden de elektrische dienstauto’s niet door anderen gebruikt bijvoorbeeld tijdens vakanties of op vrijdagen, dan geldt ook voor deze functies dat dienstvervoer met de elektrische dienstauto uitgevoerd moet worden.
De elektrische dienstauto’s worden gereserveerd via de Servicedesk
Voordat de medewerker op dienstreis gaat moet hij of zij de dienstauto controleren en eventuele schade melden bij de Servicedesk.
Indien de auto schade heeft opgelopen tijdens de dienstrit of als er andere gebreken worden ervaren, dient de medewerker dit terug te koppelen aan de Servicedesk. Aan het rijden van schade (onder normale omstandigheden) zijn geen juridische of financiële consequenties verbonden. Indien er sprake is van onzorgvuldig gebruik, zoals te hard rijden of rijden onder invloed, wordt eventuele schade wel op de medewerker verhaald. Tevens kunnen aanvullende maatregelen worden getroffen.
Het gemeentehuis is de thuisbasis van de elektrische dienstauto’s. Het is daarom niet toegestaan om deze mee naar huis te nemen. Ook is het niet toegestaan om ritten voor privédoeleinden te maken.
HOOFDSTUK 8
Artikel 8.5
elektrische dienstauto
Onderdeel van Arbeidsvoorwaardenregeling Dalfsen (ARD)