Maatwerkvoorzieningen die worden verstrekt dienen naar objectieve maatstaven gemeten zowel passend als de meest goedkope maatwerkvoorziening te zijn. Zijn er twee of meer maatwerkvoorzieningen passend, dan zal gekozen worden voor de goedkoopste maatwerkvoorziening. Indien de klant een duurdere voorziening wil (die eveneens passend is) komen de meerkosten van die duurdere voorziening voor rekening van de klant. In dergelijke situaties zal de verstrekking, indien de klant met een PGB kan omgaan, plaatsvinden in de vorm van een PGB gebaseerd op de goedkoopst passende voorziening.
Hoofdstuk 3 › § 3.2.2
Artikel 3.2.2
Goedkoopst passende voorziening
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Meierijstad 2019