Kern van het resultaat
Ondersteuning voor het voeren van regie over het doen van het huishouden kan gericht zijn op twee doelstellingen:
de klant pakt de huishoudelijke werkzaamheden zoveel mogelijk weer zelf op. Hij is in staat deze (zoveel mogelijk) zelf uit te voeren en te regisseren;
een ander lid/andere leden van de leefeenheid is/zijn in staat om het huishouden over te nemen.
Ad a.
In de situatie dat de klant leerbaar is om huishoudelijke taken (weer) zelf op te pakken, kan de klant worden ondersteund bij de organisatie van het huishoudelijk werk. Klant wordt geleerd:
hoe en wanneer je huishoudelijke activiteiten uitvoert;
om de huishoudelijke activiteiten te plannen;
de middelen te beheren in relatie tot de huishoudelijke activiteiten.
Wanneer een klant de huishoudelijke taken wel zelf kan uitvoeren maar iemand anders moet er op toezien/stimuleren dat de werkzaamheden ook daadwerkelijk gebeuren, dan kan ook hiervoor ondersteuning worden geboden. Dit geldt ook wanneer de klant deze huishoudelijke taken soms wel en soms niet, of alleen onder toezicht zelf kan uitvoeren.
Ad b
Hierbij is sprake van het tijdelijk instrueren van de leefeenheid in het kader van gebruikelijke zorg: geven van advies, instructie, voorlichting gericht op het huishouden waarbij de onder a genoemde aspecten aan de orde kunnen komen.
Frequentie
De frequentie is afhankelijk van de vorm van ondersteuning die geboden moet worden. Als er bijvoorbeeld toezicht moet worden gehouden op het feitelijk uitvoeren van de huishoudelijke werkzaamheden, dan is de ondersteuning gekoppeld aan de noodzakelijke frequentie van de huishoudelijke werkzaamheden zelf. Zoveel mogelijk zal een combinatie plaatsvinden met ondersteuning op andere resultaten binnen het resultaatgebied.
Aspecten die bij dit resultaatgebied en de frequentie van werkzaamheden een rol spelen
De periode van ondersteuning voor het voeren van regie wordt zo kort mogelijk gehouden.
Afbakening met resultaatgebied sociaal en persoonlijk functioneren
De regiefunctie ten aanzien van het voeren van het huishouden kan zowel in het kader van het resultaatgebied sociaal en persoonlijk functioneren als in het kader van huishoudelijke verzorging worden geïndiceerd, maar kan bij een klant slechts vanuit één van beide resultaatgebieden aan de orde zijn.
Hoofdstuk 4 › § 4.4.5
Artikel 4.4.5
Uitwerking resultaatgebied Het voeren van regie over het doen van het huishouden
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Meierijstad 2019