Een productie bestaat uit minimaal één of meerdere voorstellingen.
Per jaar zijn maximaal twee producties subsidiabel.
De productie is alleen subsidiabel indien deze in Meierijstad plaatsvindt.
Indien een productie in verschillende zalen of op verschillende locaties wordt opgevoerd, geldt de capaciteit van de grootste zaal/locaties.
De vaststelling van de subsidie vindt plaats, nadat de productie heeft plaatsgevonden.
De aanvraag tot vaststelling gaat, naast de in artikel 18 ASV genoemde bescheiden, binnen drie maanden na de laatste voorstelling, vergezeld van:
een inhoudelijk jaarverslag, waarin separaat de volgende onderdelen duidelijk tot uiting te worden gebracht:
Het aantal bezoekers uit Meierijstad.
De zaalbezetting.
afhankelijk van de hoogte van de subsidie een jaarrekening voorzien van een samenstellingsverklaring, opgemaakt door een onafhankelijk accountant. De baten en lasten, de activa en passiva en de reserves van Theater De Blauwe Kei worden separaat opgenomen in het financieel jaarverslag.
De algemene reserve kent een plafond van maximaal 15% van de totale exploitatie van de stichting. Bij overschrijding van dit percentage zal de stichting een voorstel doen aan de gemeente op welke wijze invulling wordt gegeven aan deze overschrijding.
De stichting draagt zorg voor het opbouwen van een weerstandsvermogen, zodat eventuele tegenvallers kunnen worden opgevangen. De hoogte van het weerstandsvermogen wordt in overleg met de gemeente vastgesteld.
Het gerealiseerde exploitatiesaldo wordt toegevoegd dan wel onttrokken aan de algemene reserve van de stichting. Het bepaalde in lid 10 is van toepassing.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf
Artikel 16
Specifieke subsidievoorwaarden
Onderdeel van Nadere regels subsidiëring Kunst en Cultuur 2019 - 2022