De leden van de onderzoekscommissie kiezen uit hun midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter.
De voorzitter is belast met:
het leiden van de beraadslaging en zitting;
het handhaven van de orde;
het doen naleven van bij of krachtens deze verordening gestelde regels;
hetgeen deze verordening hem verder opdraagt;
het tijdig bijeenroepen van de leden van de onderzoekscommissie, onder opgaaf van de
punten die behandeld zullen worden;
fhet tijdig aan de leden van de onderzoekscommissie aanleveren of tijdig voor deze leden ter inzage leggen van de stukken die op de agenda betrekking hebben.
Hoofdstuk
Artikel 3
Voorzitter/plaatsvervangend voorzitter
Onderdeel van Verordening op het onderzoeksrecht van de raad