**1.** De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**2.** Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, wordt de belasting geheven met ingang van de maand waarin de belastingplicht is ontstaan, wanneer de belastingplicht is ontstaan voor de zestiende van de maand en met ingang van de daaropvolgende maand, wanneer de belastingplicht is ontstaan na de vijftiende van de maand.
**3.** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, wordt de belasting niet geheven over de maand waarin de belastingplicht is geëindigd of het aantal honden is verminderd voor de zestiende van de maand en wel geheven over de maand waarin de belastingplicht is geëindigd of het aantal honden is verminderd na de vijftiende van de maand, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 9,--.
**4.** Belastingbedragen van minder dan € 9,-- worden niet geheven.
**5.** Voor de toepassing van de bepalingen in het derde en het vierde lid, wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen aangemerkt als één belastingbedrag.
Artikel 10
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2011