Naar hoofdinhoud
Een dagplaatsvergunning kan worden verleend voor het innemen van een standplaats voor het uitoefenen van markthandel op de markt. Dit kan in de volgende situatie: het is bepaald in het inrichtingsplan of; de plaats wordt niet ingenomen door een houder van een vaste standplaatsvergunning of; een vergunning is vervallen en is nog niet vergeven of; de vergunninghouder niet in staat is de standplaats in te nemen en niet is voorzien in vervanging. Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerking degenen die bij de marktmeester een aanvraag hebben ingediend, voldoen aan een eventueel van toepassing zijnde branche- of artikelgroep vereiste en die niet zijn uitgesloten omdat zij gedurende een of meer van de voorafgaande vier marktdagen: zich op de markt schuldig hebben gemaakt aan wangedrag, bedrog of een bij of krachtens deze verordening gestelde bepaling hebben overtreden, of niet tijdig het verschuldigde marktgeld hebben voldaan dat wordt geheven op de grondslag van artikel 229 van de Gemeentewet. Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van een gegadigde bepalen dat een uitsluitingsgrond niet geldt of dat voor de toepassing van het vorige lid een langere termijn in aanmerking wordt genomen. De dagplaatsvergunningen worden verstrekt aan de in aanmerking komende gegadigden op volgorde van indiening van de aanvragen. Een dagplaatsvergunning kan niet worden overgedragen. De vergunninghouder kan zich niet laten vervangen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel