Naar hoofdinhoud
1.. In de beschikking tot versterking van een maatwerkvoorziening, wordt aangegeven: wat de wettelijke grondslag van het besluit is; welke belemmeringen er zijn als gevolg van een beperking, chronisch psychische of psychosociale problemen, waarbij de cliënt niet voldoende in staat is tot zelfredzaamheid of participatie; welke voorzieningen er worden getroffen om de belemmeringen op te heffen; of deze als voorziening in natura of persoonsgebonden budget wordt verstrekt; hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt. 2.. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in natura vermeldt de beschikking in ieder geval: welke maatwerkvoorziening verstrekt wordt en wat het beoogde resultaat daarvan is; de ingangsdatum en duur van de verstrekking; of een bijdrage in de kosten verschuldigd is en de daarbij door het college gehanteerde uitgangspunten, zoals de kostprijs van de voorziening; hoe de voorziening wordt verstrekt, en welke voorwaarden er aan verbonden zijn, en inlichtingen en medewerkingsplicht als bedoeld in artikel 2.3.8 van de wet. 3.. Bij het verstrekken van een maatwerkvoorziening in de vorm van persoonsgebonden budget vermeldt de beschikking in ieder geval: aan welk resultaat het persoonsgebonden budget kan worden besteed; welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het persoonsgebonden budget; wat de hoogte van het persoonsgebonden budget is en hoe dit tot stand is gekomen; wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoonsgebonden budget is bedoeld; de wijze van verantwoording van de besteding van het persoonsgebonden budget, en of een bijdrage in de kosten verschuldigd is en de daarbij door het college gehanteerde uitgangspunten, zoals de kostprijs van de voorziening; de verplichting tot het sluiten van een overeenkomst en het opmaken van een budgetplan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel