Het college kan in bijzondere omstandigheden bijzondere bijstand verlenen voor de noodzakelijke kosten van bestaan indien de belanghebbende niet beschikt over middelen om de periode tussen de bijstandsaanvraag en de eerste betaling van de uitkering zelf te overbruggen en hem hiervan geen verwijt kan worden gemaakt.
Van bijzondere omstandigheden als bedoeld in lid 1 kan sprake zijn:
bij het verlaten van een asielzoekerscentrum (statushouders);
na einde langdurige detentie;
bij verlating door partner bij echtscheiding.
De hoogte van de in lid 1 bedoelde bijzondere bijstand bedraagt, onder aftrek van alle eventueel aanwezige middelen, maximaal de toepasselijke bijstandsnorm exclusief vakantietoeslag, berekend naar de periode van de ingangsdatum van het recht op algemene bijstand tot de eerste betaling ervan. Daarnaast moet rekening worden gehouden met algemeen noodzakelijke kosten die over betreffende periode al zijn voldaan.
De te overbruggen periode betreft maximaal een maand.
Hoofdstuk 9
Artikel 9.4
Overbruggingsuitkering
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Krimpenerwaard 2019