Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen of pgb’s en bij verordening aangewezen algemene voorzieningen

Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE ARNHEM 2019

Een inwoner is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening of pgb, zolang de inwoner van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt. Een inwoner is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een bij verordening aangewezen algemene voorziening zolang de inwoner van deze voorziening gebruik maakt. De bij verordening aangewezen algemene voorzieningen zijn: a. huishoudelijke hulp toelage. De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb en voor bij verordening aangewezen algemene voorzieningen, zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid, van de wet, hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, de volgende leden of artikel 2.6 geen of een andere bijdrage is verschuldigd. In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor de volgende maatwerkvoorzieningen: a. activerend werk; b. verblijf in de opvang van de Stichting Stoelenproject 'De Duif' en Stichting Kruispunt en de winterkoude opvang; c. vervoer naar groepsbegeleiding en activerend werk; d. periodieke vergoedingen ten behoeve van de inzet van hulpmiddelen of woonvoorzieningen die op maandbasis lager zijn dan € 19,00. In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet is de inwoner voor het reizen met de regiotaxi of de zorgtaxi een ritbijdrage verschuldigd waarvan de hoogte is gebaseerd op de ritbijdrage die passagiers jonger dan 65 jaar moeten betalen bij deelname aan het regulier openbaar vervoer. De kostprijs van een: a. maatwerkvoorziening of bij verordening aangewezen algemene voorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; b. pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel