Bij het aantrekken van financieringen voor een periode van één jaar en langer gelden de volgende uitgangspunten:
Financieringen worden enkel aangetrokken ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak;
De gemeente gaat geen leningen aan met het enkele doel de aangetrokken gelden tegen een hoger rendement uit te zetten;
Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen te gebruiken teneinde de renterisico’s te minimaliseren en het renteresultaat te optimaliseren;
In principe worden als instrument voor financiering onderhandse leningen gebruikt;
De gemeente vraagt offertes op bij minimaal 3 instellingen alvorens een financiering wordt aangetrokken. Deze offertes worden door de gemeente schriftelijk vastgelegd; Bij financieringen van € 500.000 of minder kan worden volstaan met offertes van 2 instellingen.
Door de invoering van het verplicht schatkistbankieren is het niet meer mogelijk tijdelijke overschotten tegen een gunstig tarief op deposito weg te zetten bij een financiële instelling anders dan bij de schatkist. Wel is het mogelijk om als decentrale overheden gebruik te maken van elkaars overliquiditeit. Hierbij worden de richtlijnen en grensbedragen zoals genoemd in de Wet FIDO in acht genomen.