De aanslagen moeten worden betaald in twee gelijke termijnen.
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 vervalt de eerste termijn op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. De tweede termijn vervalt twee maanden later.
De verschuldigde bedragen kunnen ook door middel van automatische betalingsincasso worden afgeschreven overeenkomstig de voorwaarden gesteld in het 'Reglement voor de automatische incasso van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Súdwest-Fryslân'. De aanslagen moeten dan worden betaald in acht gelijke maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de termijnen in de voorgaande leden.
Artikel 9
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de belastingen op de roerende woon- en bedrijfsruimten 2019