Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III:

Artikel 18

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening Reinigingsheffingen 2011

De rechten bedoeld in hoofdstuk IV van de bij deze verordening behorende tarieventabel moeten worden betaald in drie gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand die volgt op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elke volgende termijn steeds één maand later. In afwijking van het eerste lid worden, indien het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet voorkomende aanslag dan wel de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen niet meer dan € 2.500,00 bedraagt, de rechten betaald in acht gelijke termijnen als de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elke volgende termijn steeds één maand later. De rechten bedoeld in hoofdstuk V van de bij deze verordening behorende tarieventabel moet worden betaald op het moment van de kennisgeving. De rechten bedoeld in hoofdstuk VI van de bij deze verordening behorende tarieventabel moeten worden betaald: indien de kennisgeving mondeling wordt gedaan: op het moment van de kennisgeving; indien de kennisgeving schriftelijk wordt gedaan: binnen één maand na de dagtekening vermeld op de kennisgeving. De rechten bedoeld in hoofdstuk VII van de bij deze verordening behorende tarieventabel moeten worden betaald: op het moment van de kennisgeving. Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c., van de Invorderingswet 1990 met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete zijn de voorgaande leden van overeenkomstige toepassing. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel