Naar hoofdinhoud

Artikel 15

Premies

Onderdeel van Reintegratieverordening Wet werk en bijstand

1.. Het college kan aan uitkeringsgerechtigden twee maal per jaar activeringspremies toekennen tot in totaal maximaal het bedrag genoemd in artikel 31 2e lid sub j. van de wet, wanneer een traject is aangeboden gericht op arbeidsinschakeling, als bedoeld in artikel 3, 2e lid van deze verordening en dit traject met succes is afgerond. 2.. De hoogte van de premie wordt afgestemd op de omvang en duur van de inspanningen welke de uitkeringsgerechtigde ter uitvoering van dat traject dient te verrichten. 3.. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd na afronding van onderdelen van het traject voorschotten op de premie uit te betalen. 4.. Het college verstrekt aan uitkeringsgerechtigden die onbeloonde additionele werkzaamheden verrichten conform artikel 10a zesde lid van de wet, een premie na iedere 6 maanden, waarvan de hoogte door het college wordt bepaald. Het 2e lid is hierbij van overeenkomstige toepassing. 5.. De premie als bedoeld in het 4e lid wordt geweigerd indien blijkt dat de belanghebbende de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen in de voorafgaande zes maanden heeft geschonden.”

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel