Naar hoofdinhoud
Het vooronderzoek vindt plaats op een door de burgemeester te bepalen wijze, waarbij voor de betreffende melding de meest geëigende onderzoeksmethode wordt gekozen. Van het vooronderzoek wordt een rapport van bevindingen opgemaakt. De burgemeester doet mededeling van de resultaten van het vooronderzoek aan het presidium en het college. Als het vooronderzoek geen aanleiding geeft voor het instellen van een nader onderzoek, besluit de burgemeester het onderzoek niet verder voort te zetten. Van deze beslissing worden de melder en de politieke ambtsdrager over wie de melding is gedaan schriftelijk in kennis gesteld. Indien op grond van de bevindingen uit het vooronderzoek de noodzaak blijkt tot het verrichten van een nader onderzoek, besluit de burgemeester een feitenonderzoek als bedoeld in artikel 4 in te stellen. Indien de melding over de burgemeester gaat, neemt de locoburgemeester het besluit als bedoeld in lid 4 en 5 van dit artikel, maar niet voordat hij de Commissaris van de Koning van zijn voornemen in kennis heeft gesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel