Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Bezwarencommissie

Onderdeel van 5 Procedureregeling functiebeschrijving en functiewaardering

Lid 1 De functiehouder kan binnen zes weken na bekendmaking van het indelingsbesluit bezwaar maken bij het bevoegd gezag. Lid 2 Het maken van bezwaar, als bedoeld in het eerste lid, dient schriftelijk en gemotiveerd te gebeuren. Lid 3 Er is een onafhankelijke bezwarencommissie, als bedoeld in artikel 7:13, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, ter voorbereiding van een beslissing op bezwaar tegen een indelingsbesluit. Lid 4 De bezwarencommissie bestaat uit: a. een voorzitter aan te wijzen door het bevoegd gezag, b. een lid aan te wijzen door de Commissie voor Georganiseerd Overleg, en c. een door beide voorgaande leden in onderling overleg aan te wijzen derde lid. Lid 5 Aan de bezwarencommissie wordt een door het bevoegd gezag aan te wijzen functionaris als secretaris toegevoegd. De secretaris heeft geen stemrecht. Lid 6 a. De bezwarencommissie dient in voltalligheid een bezwaar te behandelen. b. De functiehouder die het bezwaar heeft gemaakt wordt in de gelegenheid gesteld zijn bezwaar tijdens een hoorzitting van de bezwarencommissie mondeling toe te lichten . De functiehouder kan zich hierbij laten bijstaan. c. Indien de bezwarencommissie dit noodzakelijk oordeelt, kan zij informanten horen. De bezwarencommissie is bevoegd schriftelijk inlichtingen in te winnen. d. De vergaderingen van de bezwarencommissie zijn niet openbaar. Lid 7 a. Het advies van de bezwarencommissie wordt aan het bevoegd gezag toegezonden. b. Een afschrift van het advies van de bezwarencommissie wordt tegelijkertijd toegezonden aan de functiehouder. Lid 8 Binnen de beslistermijn op grond van de Algemene wet bestuursrecht, neemt het bevoegd gezag een beslissing op het bezwaar van de functiehouder. De beslissing op bezwaar wordt schriftelijk en met redenen omkleed aan de functiehouder medegedeeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel