Het is verboden in een door het college aangewezen gebied op een openbare plaats, al dan niet in een motorvoertuig, te slapen, dan wel op een openbare plaats een voertuig, woonwagen, tent, caravan of een soortgelijk of ander onderkomen te plaatsen met het kennelijke doel dit als slaapplaats te gebruiken of daarin te slapen dan wel gelegenheid daartoe te bieden.
HOOFDSTUK 2. › Paragraaf
Artikel 2.20a