Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2019

Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking tot: vakantie-onderkomens en niet beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op het aantal slaapplaatsen; mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen bepaald op: 2 personen indien het aantal slaapplaatsen 3 of minder bedraagt; 3 personen indien het aantal slaapplaatsen meer dan 3 bedraagt; mobiele kampeeronderkomens op niet vaste standplaatsen bepaald op de som van het aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van maximaal 3 personen vermenigvuldigd met drie . 2. a. 1. Het aantal malen dat door de in het eerste lid, onder a, bedoelde personen is overnacht wordt: bepaald op 120 ingeval verblijf wordt gehouden in vakantie- onderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten, dan wel op vaste stand-plaatsen, welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende het hele jaar. a.2. Het aantal malen dat door de in het eerste lid onder a bedoelde personen is overnacht, wordt bepaald op 90 ingeval verblijf wordt gehouden in vakantieonderkomens en niet-beroepsmatig verhuurde ruimten, welke geschikt zijn voor gebruik of gebruikt mogen worden gedurende een seizoenperiode van ten hoogste zes maanden. b.1. Het aantal malen dat door de in het eerste lid onder b bedoelde personen is overnacht wordt bepaald op 65 in geval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste plaatsen welke geschikt zijn voor gebruik of gebruikt mogen worden gedurende het hele jaar. 2. Het aantal malen dat door de in het eerste lid onder b - bedoelde personen is overnacht, wordt bepaald op 55 ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een seizoenperiode van ten hoogste zes maanden. c.1. Het aantal malen dat door de in het eerste lid onder c bedoelde personen is overnacht, wordt bepaald op 40 ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens op niet vaste standplaatsen. 3. Het aantal mobiele kampeeronderkomens als bedoeld in het eerste lid, letter c, wordt vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van twee maanden.

Rechtspraak bij dit artikel