Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Zelfstandige gedeelten

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2019

Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de belasting geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als één geheel worden gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt. Artikel 5a Maatstaf van heffing en belastingtarief percelen aangesloten op de gemeentelijke riolering De belasting voor percelen aangesloten op de gemeentelijke riolering wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel 1 “Rioolheffing Beheersgebied riolering gemeente Moerdijk 2019”. Artikel 5b Maatstaf van heffing en belastingtarief percelen binnen het beheersgebied riolering Zeehaven- en Industrieterrein Moerdijk De heffing voor percelen binnen het beheersgebied riolering Zeehaven- en Industrieterrein Moerdijk als bedoeld in artikel 3 wordt geheven naar het aantal kubieke meters water dat vanuit het eigendom wordt afgevoerd en naar de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel 2 “Rioolheffing Beheersgebied riolering Zeehaven- en Industrieterrein Moerdijk 2019”. Het aantal kubieke meters afgevoerd water wordt gesteld op het aantal kubieke meters water dat in de loop van het belastingjaar naar het perceel is toegevoerd en/of opgepompt. Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een: watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. De op voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd en of opgepompt water wordt, voor zover de hoeveelheid geloosd water ten minste 3.000 m3 of ten minste 20% lager is dan de som van de hoeveelheden toegevoerd of opgepompt water, verminderd met de hoeveelheid water die niet als water is afgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel