Voor gebruikelijke hulp door inwonende kinderen geldt dat van hen dezelfde bijdrage aan het huishouden wordt verwacht als de “normale” bijdrage van kinderen van desbetreffende leeftijd. Hierbij wordt aangemerkt dat er oog moet zijn voor de grenzen van gebruikelijke hulp door kinderen en waar nodig de intensiteit te begrenzen, er is sprake van maatwerk. Meer dan het normale wordt niet meegenomen bij de Wmo-indicatiestelling van ouders. Bij gebruikelijke hulp door inwonende kinderen wordt het protocol ‘Gebruikelijke Zorg’ (CIZ, 2005) gehanteerd, zoals vastgesteld onder artikel 25, lid 1.
Inwonende kinderen beneden 18 jaar die mantelzorg verlenen aan hun ouders worden niet meegenomen bij de Wmo-indicatiestelling van de ouders en juist zoveel mogelijk ontlast..
Hoofdstuk 11
Artikel 26
Gebruikelijke hulp door inwonende kinderen
Onderdeel van Nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Súdwest-Fryslân 2019