**1..** Gebruikelijke hulp wordt verleend door de echtgenoot/partner, ouders, inwonende kinderen en/of andere huisgenoten, die tot de leefeenheid van de cliënt behoren.
**2..** Gebruikelijke hulp vloeit rechtstreeks voort uit de sociale relatie, waarin het voeren van een gemeenschappelijk huishouden, het zo lang mogelijk kunnen blijven wonen in de eigen leefomgeving en het behoud van maatschappelijke participatie een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het functioneren van de leefeenheid met zich brengt.
**3..** Gebruikelijke hulp heeft een afdwingbaar karakter. Zowel van volwassen huisgenoten als van jonge huisgenoten kan een bijdrage worden verlangd.
**4..** Bij het beoordelen of de huisgenoot gebruikelijke hulp kan leveren wordt rekening gehouden met:
de aard en de omvang van de ondersteuningsbehoefte van de cliënt;
de aard van de relatie van de persoon binnen de leefeenheid met de cliënt;
de leeftijd en de ontwikkelingsfase van inwonende kinderen;
de leerbaarheid van de cliënt en/of de personen van wie gebruikelijke hulp kan worden gevergd.
**5..** Het protocol gebruikelijke hulp dient als leidraad voor het vaststellen van de mate van ondersteuning via gebruikelijke hulp.
Gebruikelijke hulp wordt verleend ter ondersteuning bij het zelfstandig (kunnen blijven) wonen van de cliënt, waaronder het voeren van een gestructureerd huishouden en het uitvoeren van de dagelijkse noodzakelijke levensverrichtingen en bij het (kunnen blijven) participeren.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.1
Gebruikelijke hulp
Onderdeel van NADERE REGELS Wmo GEMEENTE OISTERWIJK 2019