De huisarts, medisch specialist en de jeugdarts verwijzen na een melding van een hulpvraag van een jeugdige of een ouder, indien naar hun oordeel daartoe noodzaak bestaat, door naar een aanbieder die gecontracteerd is door de gemeente.
Ter waarborging van een deskundige toeleiding naar, advisering over, bepaling van en het inzetten van de aangewezen voorziening door een aanbieder, stelt het college een protocol op waaraan de aanbieder gehouden is.
Het protocol, zoals geduid in lid 2, behelst in ieder geval een beschrijving van de stappen die de aanbieder met de benodigde zorgvuldigheid en deskundigheid dient te doorlopen. De door de aanbieder te doorlopen stappen zijn in ieder geval de volgende:
stel de hulpvraag van de jeugdige of de ouder vast;
stel vast of sprake is van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen en, zo ja, welke problemen en stoornissen dat zijn;
bepaal welke hulp, naar aard en omvang, nodig is; en
onderzoek of en in hoeverre er mogelijkheden zijn om, geheel dan wel gedeeltelijk,:
op eigen kracht, met gebruikelijke hulp of algemeen gebruikelijke voorzieningen een oplossing voor de hulpvraag te vinden;
met mantelzorg of hulp van andere personen uit zijn sociaal netwerk te komen tot een oplossing voor de hulpvraag;
met gebruikmaking van een algemene voorziening te komen tot een oplossing voor de hulpvraag;
om door middel van een voorliggende voorziening te komen tot een oplossing voor de hulpvraag.
Voor wat betreft het bepalen van aard en omvang van de voorziening zoals genoemd in lid 3, onder c, hanteert de aanbieder het principe van de goedkoopst passende voorziening.
In het protocol, zoals geduid in lid 2, wordt ook de mogelijkheid c.q. bevoegdheid van het college beschreven tot een beoordeling door de gemeente (contra-expertise) van het correct toepassen van het protocol door de aanbieder en, in het verlengde daarvan, de juistheid van de door de aanbieder voorgestane zorginzet (mede in het licht van het principe zoals genoemd in lid 4) waaronder begrepen de duur en de omvang van de zorginzet.
Ter meerdere zekerheid van een zorgvuldige en deskundige uitvoering van het protocol, wordt het protocol vermaakt tot onderdeel van de gesloten overeenkomst met de aanbieder waarbij de mogelijkheid bestaat om in de overeenkomst met de aanbieder nadere werkafspraken overeen te komen ter uitvoering van het protocol waaronder begrepen afspraken over de mogelijkheid c.q. bevoegdheid van de gemeente tot contra-expertise.
Hoofdstuk › Paragraaf 3.3
Artikel 3.11
Doorverwijzing naar gecontracteerde aanbieder
Onderdeel van Verordening jeugdhulp Someren 2019