1. De reclamebelasting wordt geheven per onroerende zaak.
2. De heffingsmaatstaf is een vast percentage van de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde voor het kalenderjaar, met een minimumbedrag en een maximumbedrag.
3. Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen, 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
4. Het tarief van de reclamebelasting bedraagt 0,176% van de WOZ-waarde, met een minimum te betalen bedrag van € 300,- en een maximum te betalen bedrag van € 750,-.
5. Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd indien de lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de reclamebelasting.
Artikel 5:
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening reclamebelasting centrum Heesch 2019