Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is aangewezen:
het aantal personen, dat verblijf heeft gehouden, bepaald op 2,2;
het aantal etmalen, dat door de onder a bedoelde personen verblijf is gehouden, bepaald op 24.
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag
Onderdeel van Verordening watertoeristenbelasting 2019