Naar hoofdinhoud
1.. Begraving mag slechts plaats vinden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder. 2.. Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. 3.. Begraving of bijzetting in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn. Er kan worden verlengd voor een periode van 5, 10,15 of 20 jaar. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden door een van de andere personen, genoemd in artikel 16 tweede lid. 4.. De beheerder controleert de benodigde stukken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel