1. Een hulpvraag kan door of namens een bewoner bij het college worden gemeld.
2. Het college bevestigt de ontvangst van een melding, zijnde een hulpvraag, schriftelijk tenzij de bewoner dit niet wenst.
3. In spoedeisende gevallen, als bedoeld in Wmo artikel 2.3.3, treft het college na de melding onverwijld een tijdelijke individuele maatwerkvoorziening in afwachting van de uitkomst van het onderzoek.