Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.1

Maatwerkvoorziening

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke ondersteuning Meierijstad 2019 e.v.

De klant is een bijdrage verschuldigd voor een maatwerkvoorziening in natura of PGB, zolang de klant van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het PGB wordt verstrekt. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening, zijnde beschermd wonen of opvang, is conform het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Bij zowel beschermd wonen als opvang blijft de inkomensafhankelijke eigen bijdrage gelden die door het CAK wordt vastgesteld. De bij verordening aangewezen maatwerkvoorzieningen zijn: Hulp bij het huishouden Begeleiding Dagbesteding Kortdurend verblijf Beschermd wonen thuis Beschermd wonen begeleid Hulpmiddelen, met uitzondering van rolstoelen conform hoofdstuk 3 Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 Autoaanpassingen Woningaanpassingen Inrichting- en verhuiskosten Vervoersvoorzieningen, anders dan kleinschalig collectief vervoer (Regiotaxi) De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of PGB zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand voor de ongehuwde klant of de gehuwde klanten tezamen, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid, van de wet, hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of artikel 6.1.5 van deze Verordening, geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. De in het uitvoeringsbesluit WMO 2015 genoemde uitzonderingsgronden zijn: meerpersonenenhuishoudens waarbij minimaal één de AOW-leeftijd (66 jaar en 4 maanden) nog niet heeft bereikt; als al een eigen bijdrage voor beschermd wonen of voor de Wet langdurige zorg wordt betaald; als een rolstoel wordt verstrekt. In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor de volgende maatwerkvoorzieningen: huishoudelijke verzorging in Hospice Dommelrode een aanvraag waarop het regresrecht van toepassing is In afwijking van het eerste lid wordt de bijdrage voor maatwerkvoorzieningen, niet zijnde beschermd wonen of opvang, op nihil gesteld voor klanten met een bijdrageplichtig inkomen dat lager is dan 110% van het sociaal minimum. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening in natura of PGB voor een woningaanpassing voor een minderjarige klant is verschuldigd door de in artikel 2.1.5 van de wet genoemde persoon of personen. De bijdrage voor opvang wordt vastgesteld en geïnd door de instelling waar de klant verblijft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel