Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I.

Artikel 7.

Draagkracht uit vermogen

Onderdeel van Beleidsregel draagkracht bijzondere bijstand en minimabeleid 2019

1. . De belanghebbende die een vermogen heeft dat lager is of gelijk is aan het vrij te laten vermogen conform artikel 34, derde lid, heeft geen vermogen. 2. . In afwijking op het eerste lid wordt voor aanvragen uit artikel 3, derde lid en artikel 4 van deze beleidsregel tegoeden op bankrekeningen aangewend om genoemde kosten te betalen. Hierbij wordt een bedrag gelijk aan anderhalf maal de van toepassing zijnde bijstandsnorm vrijgelaten. 3. . Voor het vermogen wordt in afwijking van de wet bij de bepaling ervan het vermogen verbonden in een door belanghebbende zelf bewoonde woning, niet meegewogen. 4. . Het vermogen in een auto of motor wordt tot een waarde van € 3500,-- aangemerkt als een algemeen gebruikelijk goed.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel