Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf

Artikel 3.2.1.3

Inrichtingsplan

Onderdeel van Omgevingsverordening 2019

1.. Voor elke markt stelt het college een inrichtingsplan vast, dat in elk geval bevat: een aanduiding van de dagen en de uren waarop en eventueel de periode waarin de markt wordt gehouden (markttijd); een plattegrond van de markt; een aanduiding van de wijze waarop nieuwe vaste-standplaatsvergunningen en dagplaatsvergunningen kunnen worden verstrekt. 2.. Op de plattegrond zijn aangegeven: de grenzen van de markt; de plaatsen of gebieden die bestemd zijn voor houders van een vaste-standplaatsvergunning; voor zover van toepassing, de plaatsen of gebieden die bij voorrang zijn bestemd voor één of meer branches of artikelgroepen alsmede, indien van toepassing, de maximum aantallen vaste-standplaatsvergunningen die voor één of meer branches, artikelgroepen of combinaties daarvan kunnen worden afgegeven; de plaatsen of gebieden die zijn bestemd voor houders van een dagplaatsvergunning. 3.. Als een standplaats bestemd voor de houder van een vaste-standplaatsvergunning bij aanvang van de markt nog niet door de vergunninghouder of diens plaatsvervanger is ingenomen, kan daarvoor een dagplaatsvergunning worden afgegeven. De vaste-standplaatsvergunning vervalt dan voor de rest van de dag. 4.. Het inrichtingsplan is gedurende markttijd bij de markt aanwezig en in te zien.

Rechtspraak bij dit artikel