Naar hoofdinhoud
De precariobelasting wordt niet geheven voor het hebben van: voorwerpen, welke volgens een wettelijk voorschrift, een overeenkomst of op een andere wijze rechtens moeten worden gedoogd; voorwerpen, waarvoor de gemeente een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen; voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende ingevolge eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde; het hebben van steigerwerken, afscheidingen, materialen en dergelijke voorwerpen ten behoeve van restauratie en/of herstelwerkzaamheden, die door het gemeentebestuur zijn goedgekeurd en worden gesubsidieerd; het hebben van voorwerpen, wanneer dit plaatsvindt bij gelegenheid en ter opluistering van nationale of gemeentelijke feestdagen, kermissen, winkelweken, tentoonstellingen, aanwijzingen in het belang van het toeristenverkeer en dergelijke, voorzover deze niet strikt dienen tot reclame voor enig particulier bedrijf; het hebben van voorwerpen, indien dit strekt tot bevordering van een liefdadig doel, wetenschap, kunst, onderwijs of een algemeen belang, voor zover op de voorwerpen enz. geen reclame ten behoeve van derden wordt gemaakt; het hebben van vlaggenstokken, vlaggen en wimpels, niet ten doel hebbend reclame te maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel