1) Een belanghebbende kan bij burgmeester en wethouders een aanvraag
indienen voor medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden. 2) Burgemeester en
wethouders verlenen slechts medewerking aan het op aanvraag van
exploitant in exploitatie brengen van gronden krachtens een exploitatie -overeenkomst
als bedoeld in artikel 6, met dien verstande dat artikel 6, tweede lid, in dat geval niet van
toepassing is. 3) Bij de aanvraag dient in ieder geval te worden
gevoegd: a)een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te brengen
onroerende zaken; b)gegevens, waaruit blijkt dat de belanghebbenden
genothebbende krachtens eigendom.
bezit:.of beperkt recht van dein exploitatie te brengen onroerende
zaken is of kan worden;
c) gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen (bouw)
werkzaamheden. 4) In geval door burgemeester en wethouders een aanvraag
voor een bouwvergunning, eventueel in combinatie met een aanvraag voor vrijstelling, wordt ontvangen, waarbij
in geval van verlening van de vrij stelling en/of bouwvergunning van gemeentewege voorzieningen
van openbaar nut moeten worden getroffen, wordt hiervan zo spoedig mogelijk, doch in ieder
geval voor de beslissing op de aanvraag mededeling gedaan aan de aanvrager. Daarbij zal een zo
nauwkeurig mogelijke raming van de voor rekening van de exploitant
komende kosten, verband houdende met het in exploitatie brengen van gronden,
worden verstrekt Tevens zal daarbij aan de aanvrager de gelegenheid
worden gegeven tot het indienen van een aanvraag voor medewerking. 5) Burgemeester en wethouders reageren op de
aanvraag om medewerking, hetzij met een weigering hetzij met de aanbieding van een concept-overeenkomst, binnen zes
maanden na de dag waarop het verzoek is ontvangen.
HOOFDSTUK 3
Artikel 7
Indiening aanvraag voor medewerking
Onderdeel van verordening houdende de voorwaarden waaronder de gemeente medewerking zal verlenen aan het in exploitatie brengen van gronden