Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 4.

Samenstelling; benoeming commissievoorzitter

Onderdeel van Verordening op de algemene raadscommissie van de gemeente Winterswijk 2019

1.. Alle raadsleden zijn lid van de algemene raadscommissie. 2.. Naast de onder lid 1 genoemde leden kunnen per fractie maximaal vier niet-raadsleden als commissielid worden benoemd. Deze commissieleden worden door de fractievoorzitter van de betreffende fractie aangewezen als lid van de algemene raadscommissie. 3.. Alvorens de functie te kunnen uitoefenen, leggen de commissieleden niet-raadslid zijnde in de raadsvergadering, in handen van de voorzitter van de raad, de volgende eed (verklaring en belofte) af: ‘Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de commissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de commissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!’ (Dat verklaar en beloof ik!’) 4. . De benoeming van een commissielid gaat in op het moment dat de eed (verklaring of belofte) is afgelegd. 5. . De artikelen 10, 11, 12 en 13 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn. 6. . In de commissievergadering kunnen maximaal drie commissieleden per fractie gelijktijdig deelnemen. 7. . De raad benoemt de commissievoorzitter en zijn plaatsvervanger.

Rechtspraak bij dit artikel