1 Uitbetaling van de subsidie door burgemeester en wethouders vindt plaats nadat:

a de werkzaamheden op basis waarvan de subsidie is verleend schriftelijk gereed zijn gemeld onder overlegging van de daarop betrekking hebbende afrekening met betalingsbewijzen;

b de onder a. bedoelde werkzaamheden door burgemeester en wethouders zijn gecontroleerd en akkoord bevonden en de subsidietoekenning door burgemeester en wethouders heeft plaatsgehad.

2 Uitbetaling vindt plaats uitsluitend op een door aanvrager op te geven bankrekening.