Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 15.

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Het Hogeland 2019 -1

Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor wat betreft het vervoer is gebaseerd op het ov tarief (voor vervoer met een OV-chipkaart) waarbij het uitgangspunt geldt dat maximaal 2500 kilometer op jaarbasis binnen de eigen leef- en woonomgeving moet kunnen worden gereisd. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor wat betreft begeleiding is gebaseerd op de ondergrens van de bandbreedte van de aanbesteding uit het Ommelander Samenwerkingsmodel. De bandbreedte is tot stand gekomen aan de hand van marktonderzoek De hoogte van het persoonsgebonden budget voor wat betreft Huishoudelijke Ondersteuning is gebaseerd op het uurtarief van de aanbieders. Het uurtarief van de voorziening komt voort uit de aanbesteding van de dienst. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor overige zaken wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van de in de situatie van de cliënt goedkoopst compenserende voorziening in natura of de door het college geaccepteerde offerte en is toereikend voor de aanschaf, verzekering en het onderhoud daarvan. Bij de vaststelling van de hoogte van het persoonsgebonden budget voor dienstverlening wordt onderscheid gemaakt tussen: Het tarief voor professionals. Tot deze groep behoren personen die: werkzaam zijn bij een instelling die ten aanzien van de uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007), en die beschikken over de relevante diploma’s die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken. ii. aangemerkt zijn als Zelfstandige zonder personeel en de beschikking hebben over een beschikking geen loonheffingen (BGL). Daarnaast moeten ze ten aanzien van de uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en beschikken over de relevante diploma’s die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken. Sociaal netwerk: een persoon zoals bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet Informeel netwerk; een ondersteuner niet zijnde een persoon als bedoeld onder a of b. Het persoonsgebonden budget voor personen als bedoeld onder lid 6, sub a, onderdeel i en ii bedraagt maximaal de kostprijs van de in de situatie van de cliënt goedkoopst compenserende voorziening in natura en is toereikend. Het persoonsgebonden budget voor personen waarbij sprake is van een arbeidsovereenkomst bedraagt maximaal het van toepassing zijnde uurloon vermeerderd met de werkgeverslasten. Het persoonsgebonden budget voor personen als bedoeld onder lid 6, sub b, en lid 8, sub c, is een all-in tarief afgeleid van het wettelijk minimumloon voor volwassenen op basis van een 36-urige werkweek. De volgende kosten zijn uitgesloten voor vergoeding vanuit een pgb: Kosten voor bemiddeling. Kosten voor tussenpersonen of belangenbehartigers. Kosten voor het voeren van een pgb-administratie. Kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb. Kosten voor feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering. Loondoorbetaling bij ziekte, vervanging bij ziekte en claims zijn verzekerd via de SocialeVerzekerings Bank (SVB). Een pgb dient door de cliënt binnen drie maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt. Het college kan in het Besluit nadere regels stellen over de hoogte van het pgb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel