Lid 1.
De bijdrage, als bedoeld in artikel 12a lid 1 van de Verordening 2019, voor maatwerkvoorzieningen in natura (met uitzondering van de voorzieningen Beschermd wonen) bedraagt, conform artikel 3.1 lid 2 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, maximaal € 17,50 per periode van vier weken.
Lid 2.
De bijdrage, als bedoeld in artikel 12a lid 1 van de Verordening 2019, bedraagt voor de maatwerkvoorzieningen voor Beschermd wonen en Beschut wonen:
Beschermd wonen (wonen en zorg gescheiden) € 34,20 per dag
Beschut wonen LVB (wonen en zorg gescheiden) € 34,20 per dag
Overbruggingszorg/transitiezorg Beschermd wonen, Begeleiding individueel € 22,20 per uur
Overbruggingszorg/transitiezorg Beschermd wonen, Begeleiding groep € 22,20 per dagdeel
Overbruggingszorg Beschut wonen LVB, Begeleiding individueel € 22,20 per uur
Overbruggingszorg Beschut wonen LVB, Begeleiding groep € 22,20 per dagdeel
Lid 3.
De bijdrage, als bedoeld in artikel 12a lid 1 van de Verordening 2019, voor de maatwerkvoorziening vervoer in natura bedraagt voor:
scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (8 km/uur) huurprijs per 4 weken € 24,50
scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (10 km/uur) huurprijs per 4 weken € 28,00
scootmobiel voor langere afstanden en intensief gebruik (15 km/uur) huurprijs per 4 weken € 33,25
Lid 4.
De maximale bijdrage, als bedoeld in artikel 12a lid 1 van de Verordening 2019, voor een woonvoorziening in natura, in de vorm van een traplift, bedraagt voor:
traplift muurzijde zonder bocht € 750,00
traplift muurzijde met bocht(en) € 1.200,00
Lid 5.
De bijdrage op het persoonsgebonden budget voor begeleiding individueel en begeleiding groep geleverd door een professional (ZZP dan wel Instelling ) is maximaal 38% van het verstrekte (jaar)budget. Dit percentage is overeenkomstig de bijdrage die bij een in natura verstrekking van de maatwerkvoorziening begeleiding individueel speciaal maximaal betaald wordt.
Hoofdstuk 3
Artikel 12.