Naar hoofdinhoud
1.. Indien een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel, tenzij geen stemming wordt gevraagd. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel over de te nemen eindbeslissing. 2.. Indien op een amendement een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement. 3.. Indien twee of meer amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, bepaalt de voorzitter de volgorde waarin hierover zal worden gestemd. Daarbij geldt de regel, dat het meest verstrekkende amendement of subamendement het eerst in stemming wordt gebracht. Het (sub-)amendement dat de verste strekking heeft, heeft voorrang. Als dit wordt aangenomen, vervallen daarmee alle minder verstrekkende (sub-)amendementen. 4.. Indien aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd (na eventuele amendementen) en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken. 5.. De voorzitter bepaalt zo nodig de volgorde waarin over moties wordt gestemd.

Rechtspraak bij dit artikel