Een Petear bestaat uit raadsleden en door de fractie aangewezen commissieleden die geen raadslid zijn, waarbij per onderwerp van het Petear deelgenomen wordt door één raads- of commissielid per fractie;
Een commissielid die geen raadslid is moet op de kandidatenlijst van de betreffende politieke groepering hebben gestaan bij de laatstgehouden raadsverkiezingen.
Commissieleden worden benoemd door de raad op voorstel van de betreffende fractievoorzitter.
Voor het bepalen van de vergoeding als bedoeld in artikel 14 lid 1 Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden wordt het deelnemen aan een of meer Petearen op een dag door een commissielid beschouwd als het bijwonen van een vergadering.
Iedere fractie die onvoldoende raadsleden heeft om de Petearen te bemensen, heeft het recht om respectievelijk één of twee commissieleden aan te stellen.
Het bepaalde in de artikelen 10, 12, 13 en 15 lid 1 Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn.
Alvorens aan de werkzaamheden in het Petear te beginnen, wordt een commissielid niet zijnde raadslid in een raadsvergadering beëdigd met overeenkomstige toepassing van artikel 14 Gemeentewet.
Aan de bespreking van een onderwerp aan het Petear kunnen anderen dan de in lid 1 genoemde personen deelnemen, indien zij bij de voorzitter aannemelijk hebben kunnen maken dat zij betrokken zijn bij het betreffende onderwerp, dan wel zijn uitgenodigd.
Op verzoek van het college kan een ambtenaar bij de vergadering aanwezig zijn voor het geven van technische toelichting.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2
Artikel 13.