Naar hoofdinhoud
Een initiatiefvoorstel moet, om in behandeling genomen te kunnen worden, schriftelijk via de griffier bij de voorzitter worden ingediend. Namens de voorzitter stuurt de griffier het initiatiefvoorstel naar het college en stelt het college in de gelegenheid zijn wensen en bedenkingen inzake het initiatiefvoorstel ter kennis van de raad te brengen. Hiervoor krijgt het college een termijn van vier weken. De voorzitter plaatst het voorstel op de agenda van de eerstvolgende vergadering na ontvangst van een reactie van het college als bedoeld in het vorige lid dan wel nadat de hiervoor gegeven termijn is verstreken, tenzij de agenda hiervoor reeds verzonden is. In dit laatste geval wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende vergadering geplaatst. De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp eerder dient te worden behandeld of het voorstel eerst voor advies naar het college dient te worden gezonden. In het laatste geval bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een verordening. Op een spoedeisend initiatiefvoorstel, inhoudende het ontslag van een wethouder, zijn de bepalingen is dit artikel niet van toepassing. Een dergelijk voorstel kan na instemming van de raad terstond aan de agenda toegevoegd worden.

Rechtspraak bij dit artikel