1. Jeugdigen of ouders kunnen slechts in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening voor zover zij geen oplossing kunnen vinden voor de hulpvraag:
a. binnen hun eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen waaronder in ieder wordt verstaan:
i. gebruikelijke hulp van ouders en hulp van andere personen uit het sociale netwerk;
ii. het aanspreken van een aanvullende verzekering die is afgesloten.
b. door gebruik te maken van een algemene voorziening, of;
c. door gebruik te maken van een andere voorziening.
2. Indien de aanvraag betrekking heeft op kosten voor jeugdhulp die de jeugdige of ouder voorafgaand aan de aanvraag heeft gemaakt, kan het college hier slechts een voorziening voor verstrekken:
a. als op het moment van de aanvraag nog steeds sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen, psychische problemen of stoornissen waarvoor de hulp is ingezet, en;
b. voor zover het college de noodzaak en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan beoordelen.
3. Het college kan nadere regels stellen ter verdere uitwerking van de criteria, zoals genoemd in het eerste lid en tweede lid.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.
Artikel 9.
Criteria maatwerkvoorzieningen
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Venray 2019