Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Handelswijze burgemeester

Onderdeel van Beleidsregel Wet Aanpak Woonoverlast Hoogeveen

Voordat de burgemeester gebruik maakt van zijn bevoegdheid zoals bedoeld in artikel 27a van de APV om de ernstige en herhaaldelijke hinder te beëindigen, geeft hij de veroorzaker een bestuurlijke waarschuwing. Indien de veroorzaker van de ernstige en herhaaldelijke hinder na de bestuurlijke waarschuwing de hinder niet beëindigd, kan de burgemeester op grond van artikel 27a van de APV besluiten tot het opleggen van een last onder dwangsom. Indien de veroorzaker van de ernstige en herhaaldelijke hinder na het verbeuren van de dwangsom de hinder niet beëindigd, kan de burgemeester op grond van artikel 27a van de APV besluiten tot het opleggen van een last onder bestuursdwang. Indien de genoemde maatregelen in lid 2 en 3 van dit artikel geen effect hebben dan wel wanneer de reële verwachting bestaat dat deze maatregelen niet (binnen de gestelde termijn) tot het beoogde resultaat zullen leiden, kan de burgemeester een verbod opleggen om aanwezig te zijn in of bij de woning of op of bij het erf van waaruit de ernstige en herhaaldelijke hinder wordt veroorzaakt voor de duur van tien dagen. Bij ernstige vrees voor verdere overtreding wordt het verbod verlengd tot maximaal vier weken. Op het opleggen van een huisverbod is de Wet tijdelijk huisverbod van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel