1. Het is verboden op een openbare plaats inbrekerswerktuigen, of voorwerpen of middelen of werktuigen, die daar, gelet de omstandigheden voor gebruikt zouden kunnen worden, en/of vermommingartikelen te vervoeren of bij zich te hebben of te dragen.
2. Het verbod is niet van toepassing als de genoemde gereedschappen, voorwerpen of middelen niet zijn gebruikt, of niet zijn bestemd om zich onrechtmatig toegang te verschaffen tot een gebouw of erf; onrechtmatig sluitingen te openen of te verbreken, diefstal door middel van braak te vergemakkelijken, of het maken van sporen of herkenning bij het plegen van voornoemde strafbare feiten te voorkomen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2:44
Vervoer inbrekerswerktuigen
Onderdeel van WIJZIGINGEN ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING 2019 (APV)