Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1:8

Weigeringsgronden

Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING 2019 (APV)

1. De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag worden geweigerd in het belang van: a. de openbare orde; b. de openbare veiligheid; c. de volksgezondheid; d. de bescherming van het milieu. 2. Een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan acht weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijke is. 3. Een vergunning of ontheffing voor een activiteit waarvoor politie inzet gewenst/noodzakelijk is, kan ook worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan twaalf weken voor de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. 4. Het eerste lid is niet van toepassing voor zover in het betrokken artikel één of meer weigeringsgronden zijn genoemd, tenzij in het betrokken artikel wordt verwezen naar artikel 1:8.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel