Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening watertoeristenbelasting Leeuwarden 2019

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: 1.. door degenen die verblijf houden aan boord van: hospitaalschepen of vaartuigen die als zodanig dienst doen met een charitatief karakter; kano's, roei- en volgboten; motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4 meter; een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het gemeentelijke watergebied bevindt; een vaartuig dat zich bevindt op een vaste ligplaats of in een boothuis hoofdzakelijk ten behoeve van stalling, waar geen verblijf mogelijk is. 2.. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 , die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet , en voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers; 3.. van degene die bij aanvang van het eerste etmaal dat verblijf wordt gehouden de leeftijd van 5 jaar nog niet heeft bereikt; 4.. waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel