Naar hoofdinhoud
1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste 5 leden. Zij worden benoemd door het college. 2. Tot voorzitter wordt benoemd een persoon die in een ambtelijke aanstelling werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het college en die beschikt over specifieke deskundigheid op het thema dienstverlening. 3. Bij de benoeming van de leden houdt het college rekening met de inbreng van specifieke deskundigheid in de commissie op de volgende thema’s: a. BAG, BGT en geometrie; b. geschiedenis; c. vindbaarheid; d. verkeer; e. cultuur, erfgoed en ruimtelijk beleid. 4. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.

Rechtspraak bij dit artikel