Naar hoofdinhoud
1.. Tot de maatregelen worden gerekend: maatregelen die ondersteunen in het voorzien in behoeften die ontstaan als gevolg van het ouder worden; maatregelen om de woning blijvend levensloopbestendig te maken; maatregelen die het veilig wonen bevorderen; max 20% van het leenbedrag mag worden besteed aan duurzame investeringen 2.. De Blijverslening consumptief kan nooit meer bedragen dan de werkelijke kosten verminderd met de van derden ontvangen of nog te ontvangen tegemoetkomingen (subsidies) in deze kosten. Het college stelt de hoogte van de Blijverslening consumptief vast, met een minimum van € 2.500,- en een maximum van €10.000,-. 3.. De Blijverslening hypothecair kan nooit meer bedragen dan de werkelijke kosten verminderd met de van derden ontvangen of nog te ontvangen tegemoetkomingen (subsidies) in deze kosten. Het college stelt de hoogte van de Blijverslening hypothecair vast, met een minimum van € 2.500,- en een maximum van € 50.000,-). Het college bepaalt of er bij de Blijverslening hypothecair een deel aflossingsvrij is toegestaan, met een maximum van 25% van de hoofdsom van de lening. 4.. Het college kan de in het eerste lid vermelde lijst van maatregelen uitbreiden en/of inkorten.

Rechtspraak bij dit artikel